Deze blog verscheen eerder op De Kerklozen

Mark en ik waren in augustus 2017 op het Gracelandfestival om verschillende bijdragen te leveren. Op vrijdagavond vertelden we ons verhaal over het buurthuis dat we samen met onze buren in Utrecht Overvecht hebben opgericht. Dat was een emotionele rollercoaster, een groot blik gemis werd opengetrokken – we vragen ons met vlagen nog steeds af wat we in Godsnaam hebben achtergelaten met ons vertrek naar Zwolle. En waarom. De pijn en rouw is nog steeds aanwezig.

Op zaterdag hebben we de hele dag opnames gemaakt voor de Graceland editie van De Kerklozen Podcast, waarvoor we bezoekers van het festival de vraag stelden ‘Wat betekent de kerk voor jou?’. Ook dit was een intense ervaring, waarbij de vele reacties in de stilte van de avond nog kakofonisch door mijn hoofd zoemden.

Een groot punt van frustratie wat me ‘s avonds uit mijn slaap hield, was een klein onderschrift bij een foto van het Gracelandfestival in het Nederlands Dagblad. Hier werd ons buurtinitiatief verward met het initiatief De Kerklozen, met de woorden: ‘het echtpaar Mark en Elsa Eikema dat in de Utrechtse wijk Overvecht het project ‘de kerklozen’ begon: ‘een plek waar levens een nieuwe bestemming vinden, eenzamen een nieuwe familie en iedereen inspiratie’.’.

Zucht.

Al die energie die we stoppen in uitleggen wat het platform betekent, werd met een slordige zin in het ND gevoelsmatig teniet gedaan. Want die beschrijving is nu eenmaal niet van toepassing op het platform De Kerklozen. Die heeft een compleet andere functie.

Hoe moeilijk die functie uit te leggen is, bleek wel uit de rol die ik mocht spelen in de afsluitende samenkomst, ‘samenkunst’ gedoopt. Samen met Pim Brouwer en Johan ter Beek nam ik tijdens de viering plaats op een bank om daar het gesprek aan te gaan met deze panelleden en wie uit het publiek ook maar mee wilde praten. Er werd mij gevraagd, in het kader van het festivalthema Het Grote Experiment, in twee minuten een experiment aan de bezoekers voor te leggen. Ik stelde aan de hand van het overview effect (waarover ik in een eerdere blog heb geschreven) voor om als experiment een tijdje kerkloos te zijn. Hoewel dit een beetje tegen de aard van het platform in ging, waarover we steeds moeten benadrukken dat het niet is bedoeld om kerkloosheid te promoten, wilde ik wel de functie van zo’n periode benadrukken.

Een jonge vrouw nam naar aanleiding van mijn verhaal plaats op de bank. Ze vertelde dat ze ook een tijdje kerkloos is geweest. En net als dat je soms van een slechte relatie moet herstellen voor je weer open staat voor een nieuwe, heeft die periode als een soort detox voor haar gewerkt. Nu is ze weer enthousiast lid van een kerk, vertelde ze. Waarna er spontaan een groot applaus uit het publiek opsteeg.

Nu komt het er op aan goed te lezen. Want ik ben blij met deze uitkomst. Het is mooi dat zij opnieuw een plek heeft gevonden. Maar waar niét voor werd geapplaudisseerd, is dat zij de moed heeft gehad een tijdje te detoxen. Alleen de uitkomst was een applaus waard, niet de moeilijke weg ernaar toe.

En ik snap dat we niet applaudisseren voor eenzaamheid, open wonden, het moeilijke proces van ontgiften, van je geloof vallen, ontgoocheling en niet-weten.

Maar laten we in Godsnaam de belangrijke functie ervan erkennen.

Tsjechisch theoloog en filosoof Tomáš Halík schrijft in zijn boek Ik wil dat jij bent (blind aangeschaft op het festival na een tip die ik kreeg, waarvoor dank Jan, als je meeleest):

“Een theoloog is een ‘beroepstwijfelaar’; ook als hij door zijn oprechte, vurige geloof diep verankerd is in God, dan nog is het zijn plicht om zich aan te sluiten bij de zoekenden en vragen te blijven stellen bij zijn eigen geloof en zijn eigen manier om dat geloof te belijden. Toch is dit geloof dat zo voortdurend met twijfels te maken krijgt en met ongeloof moet blijven vechten geen ‘half geloof’. (…) Ik heb ons ongeloof herhaaldelijk verklaard als de ‘collectieve donkere nacht van de geest’, als het moment van ‘godverlatenheid’ op Goede Vrijdag. Ongelovigen kunnen dat wellicht zien als ‘de dood van God’, maar voor gelovigen betekent dit de noodzakelijke doorgang naar de Paasmorgen.”

Ook haalt hij Thomas van Aquino aan, die benadrukte: God is niet ‘evident’, wij weten niet vanzelf wie of wat God is. Laten we niet bang zijn om duizelig te worden als we een blik in de diepte van het Onbekende werpen. Laten we niet bang zijn om te bekennen dat wij het ‘niet-weten’ – want dat is niet het einde, maar altijd het begin van een nieuwe weg.

En nogmaals, ik snap dat we niet aan de kant van deze weg staan te applaudiseren. Hoeft niet, en zou, in het geval van de lijdensweg van Jezus, hoogst ongepast zijn. Maar laten we, ik herhaal, in Godsnaam het belang ervan erkennen.

Dit valt nog niet mee. Na de dienst liep ik vol van gemengde gevoelens naar de Tongval tent, want ik verlangde naar een biertje. Maar de tap was dicht, de wijn op de bruiloft was op. En toen kwamen de tranen. Niet zozeer om het misgelopen biertje, al smaken die van Tongval uitstekend. Wel omdat ik me leeg en alleen voelde. Omdat het me in die vermaledijde twee minuten niet was gelukt het genuanceerde verhaal van De Kerklozen neer te zetten. Omdat de gebruikelijke reacties kwamen, ik het wéér moest uitleggen. En omdat het applaus kwam voor het ‘en ze leefden nog lang en gelukkig’ en niet voor de broodnodige complexiteit van het verhaal daar naartoe.

Ik zal op de bres blijven gaan, niet voor kerkloosheid, maar voor de functie die het kán hebben: erkenning voor het belang van angstige leegte en de God die daarin te vinden is. Het belang van afstand nemen in de ruimte en met een nieuwe blik weer terugkeren op de grond.

Ik zal nooit strijden tegen de kerk, wel tegen simplisme, dichtgetimmerdheid en een vastgepinde God. Ik wil aandacht vragen voor de complexiteit van het verhaal dat écht een goede afloop heeft. Zoals Frederick Buechner het schrijft in zijn boek Telling the Truth, over het evangelie als sprookje:

“It is a world of magic and mystery, of deep darkness and flickering starlight. It is a world where terrible things happen and wonderful things too. It is a world where goodness is pitted against evil, love against hate, order against chaos, in a great struggle where often it is hard to be sure who belongs to which side because appearances are endlessly deceptive. Yet for all its confusion and wildness, it is a world where the battle goes ultimately to the good, who live happily ever after, and where in the long run everybody, good and evil alike, becomes known by his true name….That is the fairy tale of the Gospel with, of course, one crucial difference from all other fairy tales, which is that the claim made for it is that it is true, that it not only happened once upon a time but has kept on happening ever since and is happening still.” 

En dat verdient zeker een applaus.